Die waar onze schrijnwerker spontaan grijze haren van kreeg en waarbij ik de liefde van de Gilbert voor mij zienderogen zag dalen?
Wel: die is er nog niet.
Nog niet, maar wel bijna (hoewel 'bijna' in deze zin wel erg ruim gezien kan worden).
De prijs was doenbaar, de bekleding werd gekozen, de schrijnwerker mocht starten en de Sanseveria begon terug te krabbelen.
Want zou het toch niet te veel hout zijn?
En als het fineerpatroon niet kan doorlopen (wat ik wou), gaat het dan nog wel schoon zijn?
En gaat het niet te druk zijn met het behang in de keuken?
Of zouden we toch niet beter wit nemen?
(Want 'wit is altijd schoon', zo zei Leo Pleysier)
De Gilbert vroeg nog nét niet de echtscheiding aan, roloogde tot hij er duizelig van werd en zei kordaat het het goed was, dat het schoon zou worden en dat het blijft zoals het was.
Oef.
Het probleem zit hem ook in de rest van ons huis.
Het enige nieuwe zijn onze zetel (omdat de andere te duur was om te laten opmaken) en de keukentafel.
De keuken? Tweedehands en opnieuw geschilderd.
De kasten? Kregen we bij de keuken.
De badkamer? Geruild voor de tafel en stoelen die ook bij de keuken zaten en -euhm- 'niet helemaal ons ding' waren.
Keukenstoelen? Tweedehands and fabulous!
En dat maakt nieuwe en grote aankopen zo moeilijk, denk ik.
Bij tweedehands spullen kan je er zelf nog aan prusen of, als het echt te erg is, ze inwisselen voor iets anders.
Maar nu?
Nu gaat het blijven staan tot de Gilbert en ik verhuizen naar onze serviceflat.
Dat is dus nog wel eventjes.
En elke dag gaat daar die kast zijn.
Elke dag.
Altijd.
Ik denk dat ik meubilaire bindingsangst heb.
Ah, het
